Schriftstudies.tk
Home
Overzicht studies
Blog
Reactie

Een mogelijk verloop van de Zeventigste Jaarweek

Een mogelijk verloop van de Zeventigste Jaarweek

(Herzien)

 

Voor smal lezen klik hier

 

Inleiding

Begin )

Helft  ) Gesuggereerd

Einde )

Alternatief (??)

 

Inleiding

 

Zie allereerst de Studie De 70ste Week cruciaal teneinde een idee te krijgen van de grote waarde die schuilt in de Jaarwekenprofetie die wordt aangetroffen in Daniël 9:24-27.

Hieronder wordt - overigens onder veel voorbehoud - een idee gegeven hoe het verloop van de laatste Week, de 70ste, van die belangwekkende profetie zou kunnen zijn. Omdat destijds zeer waarschijnlijk geen mens zich bewust was van de situering in de tijd van de eerste 7 plus 62 weken - zelfs niet toen zij actueel waren - achten wij het goed mogelijk dat ook het tijdstip van aanvang van de 70ste Week enige tijd niet gesignaleerd zal worden.

 

Het is dus heel goed mogelijk dat de wijze waarop de 70ste Week zal verlopen, zoals hierna geschetst, foutief zal blijken. Te meer omdat YHWH Elohim zelf aan Daniël het volgende liet weten: En wat u betreft, o Daniël, maak de woorden geheim en verzegel het boek tot de tijd van [het] einde. Velen zullen her- en derwaarts gaan, en de [ware] kennis zal overvloedig worden.

 

Niettemin kan bestudering van de aangevoerde argumenten de welwillende lezer stof tot nadenken verschaffen en hem meer inzicht geven in de Bijbelse zaken die bij een dergelijke studie aan de orde zijn.

 

Aan de hand van de Bijbelse chronologie wordt in deze Studie van onderstaande gegevens uitgegaan:

De eerste mens, Adam, werd geschapen in het jaar 4007/4006 vóór onze huidige tijdrekening (of vóór Chr.), kennelijk in ons najaar. Om die reden loopt de Anno Mundi tijdrekening (AM) van najaar tot najaar. Het jaar 4007/4006 v.Chr. is bijgevolg het eerste Anno Mundi jaar.

Zie voor meer details Aansluiting op de Anno Mundi kalender.

Op die grondslag verder redenerend

- vond de val van de stad Jeruzalem – inclusief de verwoesting van de Eerste tempel – plaats in 3420 AM, overeenkomend met 587/586 v. Chr.

- komt het jaar 6023 AM overeen met 2017/2018 AD; En vervolgens

6024 AM met 2018/2019 AD

6025 AM met 2019/2020 AD

       6026 AM met 2020/2021 AD,

       6027 AM met 2021/2022 AD

       6028 AM met 2022/2023 AD

       6029 AM met 2023/2024 AD

       6030 AM met 2024/2025 AD.

Binnen die wijze van redeneren zou het Millenniumrijk van de Messias in 6031 AM een aanvang kunnen nemen.

 

Dat 2017/2018 AD overeenkomt met 6023 AM, mogen we wellicht afleiden uit Genesis 38. In dat hoofdstuk worden namelijk de wederwaardigheden van de stam Juda verhaald – te vereenzelvigen met het Joodse volk van thans – maar dan wel in voorafbeeldingen zoals die zich sinds de dood van hun ware Messias in 33 AD (4038 AM) in tegenbeeldige werkelijkheden hebben ontvouwd. Vers 6 van dat hoofdstuk - En Juda nam voor Er, zijn eerstgeborene, een vrouw, genaamd Tamar - heeft namelijk de GW (getalswaarde) 1985. Opgeteld bij 32/33 AD (4038 AM) brengt ons dat naar het jaar 2017/2018 AD (6023 AM). Zie het Engelse commentaar op Genesis 38.

 

Aan het bovenstaande kan nog het opmerkelijke feit worden toegevoegd dat de gematriawaarde 4038, tevens het jaartal van Jezus’offerdood (32/33 AD), wordt aangetroffen in een vers dat wel heel specifiek melding maakt van dat gebeuren, t.w. Markus 15:37 >> Maar Jezus slaakte een luide kreet en gaf de geest.

 

Zoals vaak het geval is met de hoofdstukken waarin het boek Genesis verdeeld is, kan ook hoofdstuk 38 geassocieerd worden met het spaaknummer waartoe boek 38 behoort. In dit geval Spaak 16, dat wordt gevormd door de boeken Nehemia (16) Zacharia (38) en Eén Petrus (60).

Bovendien kan het zeker geen toeval zijn dat we, aan de hand van Nehemia 2, kunnen vaststellen vanaf welk tijdstip in de geschiedenis de 70 Jaarweken geteld moesten worden.

Zie Genesis 38 in de studie The Messiah typified by Joseph.

 

En dat voorts 2018/2019 AD overeenkomt met 6024 AM, krijgen wij eveneens bevestigd in de geschiedenis van Jozef en zijn broers, maar dan vanuit Genesis 45.

In Gn 45:6 vernemen we immers dat Jozef zijn broers erover inlicht dat zij zich in het tweede jaar van de voorzegde zevenjarige hongersnood bevinden. Eén jaar was dus verstreken. Maar in dat zelfde hoofdstuk ontdekken we dat vers 27, zich afspelend in het tweede jaar, de GW 6024 heeft.

In de tegenbeeldige toepassing vallen de 7 jaren van grote voorspoed namelijk samen met 7 jaren van hongersnood die zich destijds in Egypte voordeden.

Vergelijk Js 65:13-14.

  

Gesuggereerd Begin: 21 Maart 201914 Ve-Adar 6024 AM, ten tijde van het Purimfeest.

Kennelijk houdt een en ander in dat we de 70ste Week vooral in het licht van het Boek Esther moeten bezien. Zo wordt in Esther 9:15 het resultaat beschreven van de strijd waarin de Joden zich mochten verdedigen tegen hun vele vijanden:

 

De Joden die in Shushan waren, verzamelden zich ook op de veertiende dag van de maand Adar en zij doodden driehonderd man in Shushan; maar zij sloegen hun hand niet aan de buit. 

 

De GW (getalswaarde) van dit vers is 6030, wat blijkbaar als een goddelijke verwijzing mag worden opgevat naar het jaar van de toekomst waarin de 'Haman' van de Eindtijd - de sinistere, anti-messiaanse figuur - Satans bendes zal bevelen de aanval in te zetten op het dan herstelde Israël.

 

Die visie wordt, naar wij geloven, ondersteund door het feit dat Esther 10:2 dezelfde getalswaarde heeft als Daniël 9:27, waarin op een unieke manier het verloop van de laatste 'Jaarweek' wordt geschilderd.

Trouwens, Esther 10:2, en in het bijzonder vers 3, lijken typerend te zijn voor de Millennium-situatie, met name de wijze waarop Gods koninklijke macht tijdens dat glorieuze tijdperk zal worden uitgeoefend: Yeshua Mashiach direct functonerend naast YHWH, de almachtige Elohim:

 

Wat al zijn energieke werk betreft en zijn machtsbetoon en de nauwkeurige opgave van Mordechai’s grootheid waarmee de koning hem groot had gemaakt, is dat niet beschreven in het Boek van de aangelegenheden der tijden van de koningen van Med en Perzië?

Want de jood Mordechai was de tweede in rang, volgend op koning Ahasveros, en was groot onder de Joden en goedgekeurd door het grote aantal van zijn broeders, terwijl hij voor het welzijn van zijn volk werkte en vrede sprak tot heel hun nageslacht.

 

In onze Estherstudie, in het afsluitende deel, schreven wij met betrekking tot het aandeel dat de opgewekte Christelijke Gemeente dan in die ‘story’ zal hebben ondermeer het volgende:

>> Aangezien de vervulling van het Estherverhaal voor Gods volk Israël in de 70ste Week komt, mag men verwachten dat vanaf Jezus’ paroesie - wanneer hij bij de Wegrukking (Opname) zijn Gemeentelichaam tot zich roept in de hemel - ook die hemelse leden van het Israël Gods betrokken zullen worden bij de gang van zaken die tot de redding van het Esther-overblijfsel zal leiden. Met name komen dan de twee hovelingen in beeld die Mordekai in staat stelden om met Esther in contact te blijven nadat deze permanent haar verblijf in het huis van de koning had gekregen, t.w. Hegai en Hathach.

 

Via hen kon Mordekai toezicht houden op zijn nicht zodat zij niet vervreemd raakte van haar eigen volk en zich bewust zou blijven van de missie welke haar volk van Godswege binnen de Heidenwereld moest volbrengen. Aangezien Esther onmiddellijk gunst vond bij Hegai spande deze zich bijzonder voor haar in om een succesvolle entree bij de koning te maken.

En in een tweede fase - toen Hamans complot tot uitroeiing van de Joden bij Mordekai bekend was geworden - was het Hathach van wie Mordekai zich vervolgens kon bedienen om Esther toch vooral op het hart te drukken bij de koning als pleitbezorger voor haar volk op te treden.

 

De GW van Hegai is 9 en die van Hathach 425; bij elkaar dus 434.

In Spaak 4 van het Bijbelwiel,

t.w. de Boeken (4) Numeri, (26) Ezechiël en (48) Galaten,

is de vierde letter dalet (ד) prominent aanwezig in het woord deur (דלת) dat bovendien de GW 434 heeft. 

Aangezien met elke ‘spaak’ in het Bijbelwiel betekenisvolle hoofdstukken verbonden zijn in andere Bijbelboeken die hetzelfde nummer hebben - in dit geval dus 4 – brengt die omstandigheid ons onmiddellijk naar het openingstafereel van Openbaring 4 >> Een deur geopend in de hemel.

De ziener, Johannes, vertelt ons erover:

 

Na deze dingen zag ik, en zie een deur die geopend was in de hemel; en de eerste stem die ik als een trompet met mij had horen spreken, zei: Stijg op hierheen, en ik zal je de dingen tonen die na deze dingen moeten geschieden. 

 

Wanneer Johannes gehoor geeft aan die oproep treedt hij als het ware een paleisachtig heiligdom binnen en krijgt hij het visionaire tafereel te zien van God zelf, gezeten op diens troon en daaromheen gegroepeerd de christelijke Gemeente onder het zinnebeeld van de 24 Oudsten. Zoals Johannes ook verder verhaalt: 

 

Onmiddellijk geraakte ik in geest; en zie een troon rustte in de hemel, en op de troon [iemand] zittend… En rondom de troon vierentwintig tronen, en op de tronen zittend vierentwintig Oudsten gekleed in witte bovenklederen, en op hun hoofden gouden kronen.

 

In het tweede Boek van Spaak 4, Ezechiël dus, treffen we in Ez 28:2 de uitdrukking zetel van God aan, overeenkomend met troon van God; GW 348 + 86 = 434, en vergelijkbaar met Ps 29:10 >> Jahweh zittend als koning, eveneens GW 434. 

 

Zie verder de Studie Jesaja, hoofdstuk 17 – Een toelichting vanuit de gematria , in het bijzonder voor de aanwijzing dat

a.) dewegrukking’ van de Gemeente zou kunnen plaats vinden ten tijde van de verwoesting van Damaskus.

b.) die Opname inderdaad verband houdt met het feest van Purim.

 

Overigens, op grond van welke redenatie komen wij uit op 21-3-2019 als de mogelijke aanvangsdatum van de 70ste Jaarweek? Het antwoord op die vraag houdt rechtstreeks verband met het centrale punt van deze Studie, t.w. de datum waarop, naar wij verwachten, de Helft van de 70ste Week een aanvang neemt; t.w.:

 

Gesuggereerde Helft: 1 September 20225 Elul 6027 AM.

 

Uit Ez 8:1 vernemen we namelijk dat de datum 5 Elul belangwekkend moet zijn. Waarom? Omdat de profeet Ezechiël op die dag een heel speciaal, kennelijk verreikend visioen ontving. Hij werd namelijk door Gods geest als het ware overgebracht naar Jeruzalem:

 

Nu geschiedde het in het zesde jaar, in de zesde [maand], op de vijfde dag van de maand [5 Elul], dat ik in mijn huis zat en de oudsten van Juda voor mij zaten, toen de hand van de Heer YHWH daar op mij viel… Toen hief de geest mij op tussen de aarde en de hemel, en in de visioenen van God bracht Hij mij naar Jeruzalem, naar de ingang van de poort van de binnenste Voorhof die op het Noorden uitziet, waar zich de zetel van het afgodsbeeld van de na-ijver bevond, dat na-ijver oproept… Hij zei tot mij: Mensenzoon, richt je blik naar het Noorden! Toen richtte ik mijn blik naar het Noorden, en zie, ten noorden van de poort bij het altaar stond aan de ingang dat afgodsbeeld, het voorwerp van na-ijver.

 

Uit andere Schriftdelen weten wij 

dat onder de heerszuchtige leiding van de (nog te verschijnen) Antichristelijke macht, de Pseudomessias - aan wie het merendeel der Eindtijdjoden hun toewijding zullen geven – alsnog een Derde tempel zal worden opgericht;

dat in die Derde tempel aanvankelijk de Joodse eredienst volgens de Mozaïsche wetgeving hervat zal worden;

dat op de helft van de Jaarweek die voor God onrechtmatige offercultus zal worden weggenomen en dat in de plaats daarvan de verwoestende gruwel zich in dat ‘heiligdom’ als ‘god’ zal manifesteren, zodat men ‘god’ rechtstreeks kan vereren (Op 13:11-13).

 

Door al die ontwikkelingen zullen de voor de 70ste Week aangekondigde onheilen uiteraard aanzienlijk toenemen, geheel in overeenstemming met wat door Daniël in Dn 9:27 profetisch werd aangekondigd als onderdeel van de zogeheten Jaarwekenprofetie:

En naar velen zal hij een verbond kracht bijzetten 1 zeven. En op de helft van de zeven zal hij doen ophouden slachtoffer en spijsoffer. En op vleugel van gruwelen een verwoester en tot voleinding zal wat vast besloten is uitgestort worden op de verwoester.

 

In zijn Eindtijdrede heeft ook Messias Jezus zelf naar die (nu nog) profetische gebeurtenis verwezen, daarmee uitermate het gevaar ervan onderstrepend. In zijn rede over de laatste dagen, verwees hij naar die Jaarwekenprofetie, specifiek naar dat zelfde vers 27, met de woorden:

 

Wanneer jullie dan de gruwel der verwoesting waarvan door Daniël, de profeet, werd gesproken, in een heilige plaats zien staan…, laten dan zij die in Judéa zijn vluchten naar de bergen.

(Mt 24:15-16)

 

Maar voor ons is verder van belang dat we uit het verloop van dat 24ste hoofdstuk van het Mattheüs’ Evangelie tevens kunnen afleiden dat Jezus’ gedachten bij de helft van die 70ste Week moeten hebben verwijld toen hij melding maakte van die verwoestende gruwel. 

Maar verder weten we ook uit de Schrift dat die verwoestende gruwel zich als ‘god’ zal manifesteren, zodat men ‘god’ rechtstreeks kan vereren. Maar…, er zal dan nog veel meer aan de hand zijn:

Op de helft van die laatste beslissende Jaarweek zal ook het Davidische koninkrijk worden opgericht, met Yeshua Mashiach op de troon (Psalm 2).

Op 11:15-17 laat het ons bij voorbaat weten:

 

En de zevende engel blies de trompet en grote stemmen geschiedden in de hemel zeggend: Het koninkrijk der wereld werd van onze Heer en van zijn Masjiach, en hij zal als koning regeren tot in alle eeuwigheid. En de vierentwintig Oudsten die vóór God op hun tronen zitten, vielen op hun aangezicht en aanbaden God zeggend: Wij danken u Heer God, de Almachtige, die is en die was, dat gij uw grote kracht hebt opgenomen en als koning zijt gaan regeren

 

Daarmee komt dan ook een einde aan de Zeven Tijden van (7 x 600) 4200 jaar die (kennelijk) in 1827 AM - bij de Spraakverwarring - waren begonnen. 

 

Zie: Spraakverwarring en Tijden der Heidenen 

En eventueel de meer uitvoerige Engelse studie:

Confusion of Tongues and the Seven Times

 

De oprichting van dat Messiaanse Rijk zal echter ook aanleiding zijn voor:

 

* de prediking van dat herstelde koninkrijk Gods, zoals door Jezus zelf werd aangegeven in zijn Eindtijdrede (Mt 24:14). Zie ook Jesaja 9, vooral vanaf vers 5.

 

oorlogvoering in de hemel, als resultaat waarvan Satan en zijn engelen zullen worden neergeslingerd op de aarde. Het aardse deel van de ‘Vrouw’ zal dan naar de wildernis vluchten, waar zij - buiten het gezicht van de Slang - 1260 dagen gevoed zal worden; dus de volle tweede helft van de Week (Op 12:5-14 en 13:5-7).

 

Op de Helft van de Week wordt echter niet alleen het Koninkrijk opgericht, maar wordt met Israël ook het Huwelijksverbond vernieuwd. In Hl 6:3 wordt die vernieuwing schitterend door de Bruid (Israël) zelf verwoord: Ik ben van mijn beminde, en mijn beminde is van mij. Hij weidt tussen de lelies.

En dat in tegenstelling tot Hl 2:16, waar de intimiteit eerder een initiatief is van de Bruidegom, blijkens de context Hl 2:10-14.

YHWH Elohim hernieuwt zijn verhouding tot het volk op grond van de superieure condities van het Nieuwe Verbond. Hun dwaling en zonde laat hij achter zich; die gedenkt hij niet langer. Integendeel, hij begunstigt hen met ongekende nieuwe gelegenheden (Jr 31:31-34).

 

Zie: Het Nieuwe Verbond  

 

 

Gesuggereerd Einde: 11 Februari 202624 Sjebat 6031 AM.

 

Die datum wordt uiteraard bereikt door vanaf de Helft van de Week (1 September 2022) eenvoudig 1260 dagen verder te tellen.

Hieronder vermelden we wat Zacharia, op die kalenderdatum (24 Sjebat), vanaf Zacharia 1:8, in een ‘nachtgezicht’ te zien kreeg >> 

 

En zie, een man die op een rood paard reed en hij stond tussen de mirten in de diepte, en achter hem waren rode-, voskleurige- en witte paarden. 

 

Zacharia’s nieuwsgierigheid naar de betekenis van dit ongewone tafereel was daarmee gewekt (vers 9). Vanaf vers 10 lezen we dan het volgende:

 

Toen zei de man die stilstond tussen de mirtenbomen: “Het zijn degenen die YHWH eropuit heeft gestuurd om de aarde te doorkruisen”. En ze zeiden tegen de engel van YHWH die tussen de mirtenbomen stond: “We hebben de aarde doorkruist, en de hele aarde is rustig en stil”. 

 

De ‘man’ die, rijdend op een rood paard, stilstond tussen de mirtenbomen in de diepte, wordt hier geïdentificeerd als de engel van YHWH, d.i. niemand anders dan Gods voornaamste Zoon, Masjiach Yeshua. Vanaf Gn 16:7 zien we hem namens YHWH Elohim geregeld optreden ten behoeve van de aartsvaders en hun nakomelingschap, Abrahams ‘zaad’, het volk Israël. In die functie vertegenwoordigt hij zijn Vader zó rechtstreeks dat hij soms zelf als YHWH wordt aangeduid. Vergelijk Genesis 18.

 

Mirtenbomen drukken in de Bijbel hoop en verwachting uit. Wat Israël betreft verwijzen ze naar herstel en een glorierijke toekomst. Zie Js 55:13 >> Voor een distel zal een mirt opschieten.

Maar hier, bij Zacharia, staan ze in de diepte, wat wijst op Israëls toenmalige lage situatie in de wereld, vazallen van het machtige Perzische wereldrijk. Maar dat YHWH’s engel hier stilstond in de diepte tussen die mirten, duidt er visionair op dat hij zich bij en tussen zijn eigen Volk bevindt. Bovendien zijn er andere engelenmachten bij hem, afgebeeld door de rode-, voskleurige- en witte paarden. 

En dat zij hier tot YHWH’s engel zeggen: We hebben de aarde doorkruist, en de hele aarde is rustig en stil moet blijkbaar opgevat worden in de zin dat zij rapport uitbrengen. Waarover? Over de toestand die buiten Israël in de wereld heerst.   

 

Toen zei de engel van YHWH: “O YHWH van de legermachten, hoe lang zult u uw barmhartigheid nog onthouden aan Jeruzalem en de steden van Juda, die u deze 70 jaar openlijk hebt veroordeeld?” YHWH antwoordde de engel die met mij sprak met vriendelijke, vertroostende woorden. Toen zei de engel die met mij sprak tegen mij: Roep uit. Dit zegt YHWH van de legermachten: “Met grote ijver zet ik me in voor Jeruzalem en voor Sion. Met grote woede ben ik kwaad op de zorgeloze volken, want mijn woede was niet zo groot, maar zij hebben de ellende veel erger gemaakt”.

 

Die uitspraak voorspelt zeker weinig goeds voor de huidige naties der wereld die maar voortdurend menen dat Israël terecht gewezen moet worden; die binnen de VN steeds maar weer moties van afkeuring jegens Israël indienen!

Maar die Heidenvolken [de Goyim] ontgaat het wat de Psalmist al lang geleden profetisch voorzag voor de huidige Middenoosten situatie:

Mijn voeten waren bijna afgeweken, mijn schreden waren haast uitgegleden! Want ik was afgunstig op de hoogmoedigen, toen ik maar steeds de voorspoed der goddelozen zag... Ik tobde erover om dit te begrijpen, een kwelling was het in mijn ogen, totdat ik Gods heiligdom binnenging omdat ik hun toekomst wilde onderscheiden.

Waarlijk, op een glibberige bodem plaatst gij hen. U doet hen instorten tot puin. Hoe worden zij in een oogwenk tot een voorwerp van ontzetting, bereiken zij hun einde, vergaan door plotselinge verschrikkingen (Psalm 73).

 

Daarom zegt YHWH: “Ik zal met barmhartigheden naar Jeruzalem terugkeren. Mijn eigen Huis zal er gebouwd worden”, verklaart YHWH van de legermachten, “en er zal een meetlint over Jeruzalem worden gespannen”. Roep nog eens uit en zeg: Dit zegt YHWH van de legermachten: “Mijn steden zullen weer overvloeien van goedheid. YHWH zal Sion opnieuw troosten en Jeruzalem opnieuw uitkiezen”. 

 

Herstel is in aantocht voor Israël! YHWH Elohim zal met barmhartigheden naar Jeruzalem ‘terugkeren’. Naast vele andere profetieën van herstel zal ook Jesaja 40 vervuld worden: 

 

Troost, troost mijn volk, zegt uw God. Spreekt tot het hart van Jeruzalem, roept haar toe, dat haar strijd vervuld is, haar dwaling afbetaald. Dat het uit de hand van YHWH dubbel ontvangen heeft voor al haar zonden.

 

De 3½-jarige Grote Verdrukking komt dan ten einde (Dn 7:25; 12:7; Op 12:14; 13:5-7).

De Grote Schare van Op 7:9-17 welke uit die Grote Verdrukking komt, wordt gezien, dienend in Gods tempelheiligdom (de vv 13 tm 15):

 

En één uit de Oudsten antwoordde, zeggend tot mij: Dezen die gehuld zijn in de witte gewaden, wie zijn zij en vanwaar kwamen zij? En ik heb tot hem gezegd: Mijn Heer, gij weet [het]. En hij zei tot mij: Dezen zijn zij die komen uit de Grote Verdrukking, en zij wasten hun gewaden en maakten ze wit in het bloed van het Lam.

Om die reden zijn zij vóór de troon van God en verrichten zij dag en nacht voor hem heilige dienst in zijn tempelheiligdom.

 

Overigens was de dienst door die Grote Schare al eerder begonnen, namelijk vanaf de helft van de 70ste Week toen het Messiaanse koninkrijk werd opgericht. We zagen al eerder – bij het commentaar op de Helft van de Jaarweek – dat het Joodse Overblijfsel dan Mt 24:14 zal vervullen, zoals Jezus zelf aangaf in zijn Eindtijdrede (Mt 24:14).

 

Overigens lijken de woorden dag en nacht, gesproken door één uit de Oudsten, heel doelbewust precies zó geuit te zijn om de lezer te herinneren aan Daniël, hoofdstuk 8.

Hieronder zullen we dieper op dat hoofdstuk ingaan, omdat daarin melding wordt gemaakt van de zogenaamde tamid, het dagelijkse morgen-en-avond offer volgens de Mozaïsche Wetgeving. Op de Helft van de Week zal er, volgens Dn 8, namelijk een einde komen aan de 1150 dagen waarin die tamid, blijkbaar weer actueel zal zijn, waarschijnlijk in de dan (weer) opgerichte (derde) Joodse tempel.

 

Gods Woord laat ons verder zien dat tijdens de 75 dagen die moeten volgen ná het Einde van de Week, nog een aantal zeer gewichtige gebeurtenissen plaats zullen vinden. Allereerst denken we dan aan datgene wat er – in de vorm van oordeel - volgens Jezus zou volgen, onmiddellijk ná het einde van de 3½-jarige Grote Verdrukking:

 

Onmiddellijk na de verdrukking van die dagen zal de zon worden verduisterd, en de maan zal haar licht niet geven, en de sterren zullen van de hemel vallen, en de krachten der hemelen zullen worden geschokt. En dan zal het teken van de Mensenzoon in de hemel verschijnen en dan zullen alle stammen der aarde zich [in weeklacht op de borst] slaan en zij zullen de Mensenzoon zien, komende op de wolken des hemels, met kracht en veel heerlijkheid.

(Mt 24:29-30) 

 

Plus 30 dagen: 13 Maart 2026 ≈ 24 Adar 6031 AM

En nog eens

Plus 45 dagen:  27 April 2026 ≈ 10 Iyyar 6031 AM

 

Een en ander is gebaseerd op Daniël 12, waar we profetisch iets vernemen over het geluk dat de Joodse Eindtijdgelovigen ten deel zal vallen die getrouw volharden. Zoals dat tekstgedeelte aangeeft: Zij die de 1335 dagen bereiken.

Profetisch aangevend wat er zou gebeuren vanaf het Midden der Week, dus na de eerste 1260 dagen, sprak de openbaringsengel tot Daniël het volgende:

 

En vanaf de tijd dat het voortdurende [offer] verwijderd is en de verwoestende gruwel is opgericht, zullen er 1290 dagen zijn. Gelukkig hij die blijft verwachten en die de 1335 dagen bereikt! Maar jij [Daniël] moet doorgaan tot het einde. Je zult rusten en opstaan tot je bestemming aan het einde der dagen.

 

Twee zaken komen hier onder onze aandacht: Allereerst de hoopvolle perspectieven voor Daniël persoonlijk. Hij zou zijn loopbaan als Gods profeet geheel voltooien in getrouwheid. Vervolgens zou hij rusten in de dood tot de tijd dat voor hem de opstanding zou aanbreken. Maar ook daarna zou YHWH Elohim hem opnieuw gebruiken, en wel in een voor hem al bij voorbaat gereserveerde bestemming!

 

Uiteraard geldt die goddelijke belofte niet slechts voor Daniël, maar natuurlijk ook voor de vele andere getrouwe mannen en vrouwen uit vroegere tijden, precies zoals ons ook in Hb 11:39-40 wordt verzekerd:

 

En deze allen, hoewel zij door het geloof getuigenis ontvingen, verkregen de belofte niet, daar God voor ons iets beters voorzag, opdat zij niet zonder ons tot volmaaktheid zouden worden gebracht.

 

En in de tweede plaats wordt ons, de huidige lezers van deze slotverzen in het Boek Daniël, onthuld dat het einde van de vermelde profetische 1335 dagen precies ook dán bereikt worden. Dus ten tijde van de opstanding van die vroegere getrouwen! Maar die verwachting kan men logischerwijs slechts in verband brengen met de perspectieven die de Bijbel oproept in samenhang met het herstelde Davidische koninkrijk van duizend jaar!

 

Vergelijk Openbaring 20:11-15.

 

Anders gezegd: De 1335 dagen bereiken blijkbaar hun einde bij de overgang naar het Millennium. Logischerwijs in het Anno Mundi jaar 6031 AM. Gerekend vanaf het begin der Jaarweek zullen er dan in totaal 2595 dagen zijn verlopen.

  

Onder Gesuggereerd Begin zagen we dat de aanvang van de 70ste Jaarweek op z’n laatst op 21 Maart 2019 (14 Ve-Adar 6024 AM) gesteld moet worden.

Of de Opname van Yeshua’s Gemeentelichaam vlug ná die datum zal plaats vinden, zullen we moeten afwachten! Wellicht dat in Daniël, hoofdstuk 8, daaromtrent een aanwijzing wordt gegeven, t.w. in de passage over het wegnemen van de tamid, het dagelijks offer, waarover Israëls priesterschap in Exodus 29:38-42 en Numeri 28 destijds uitvoerige aanwijzingen ontving.

 

Hierboven maakten we al eerder melding van de tamid.

We begrepen dat – volgens Daniël, hoofdstuk 8 - op de Helft van de Week er een einde zal komen aan de 1150 dagen waarin die tamid actueel zal zijn, waarschijnlijk binnen de offerdienst van de dan (weer) opgerichte (derde) Joodse tempel.

Maar wat is er met die tamid precies aan de hand?

 

In Dn 8:12, volgens de NBG, vernemen we waarschijnlijk het beste wat de gevolgen zullen zijn van het verschijnen van de Hellenistische Kleine Horen, alias de Antichristelijke Eindtijdmacht, met name in de verschijning van de Valse Profeet van Op 13:11-13. Die Kleine Horen zal zich uitermate verheffen, en op de Helft van de Week zal hij de tamid wegnemen en wel nadat gedurende 2300 avond-morgens (overeenkomend met 1150 dagen) die offerdienst juist weer had plaatsgevonden - kennelijk in de Derde tempel – en bovendien bevorderd was door de Antichristelijke Eindtijdmacht.

 

Ook in Dn 11:31 en 12:11 is de volgorde dezelfde: Het wegnemen van de tamid, en in plaats daarvan, op de Helft van de Week – en bovendien als een nog veel kwalijker actie - het plaatsen van de verwoestende gruwel.

 

Algemeen wordt aangenomen dat de Opname van Jezus’ Gemeentelichaam – waarschijnlijk direct bij de aanvang van de 70ste Week – de Kleine Horen de gelegenheid biedt op het religieuze toneel van de wereld te verschijnen.

Waarom? Omdat volgens 1 Thess 4 - en zeker volgens 2 Thess 2 - met de Opname van de Gemeente ook Gods geest (tijdelijk) van de aarde wordt weggenomen. De belemmering voor zijn verschijning is dan weggenomen:

 

Hij die weerstaat en zich verheft boven al wat god of voorwerp van verering heet, zodat hij zich neerzet in het tempelheiligdom van de God, zichzelf tonend dat hij goddelijk is… En nu weten jullie wat [hem] weerhoudt, opdat hij op zijn eigen tijd geopenbaard wordt.

 

Uit Dn 9:27 weten we voorts dat de Antichristelijke Eindtijdmacht dan meteen zal trachten om bij de ongelovige Joodse meerderheid – zij die halsstarrig niets willen weten van Yeshua als de ware Messias – in het gevlei te komen door een offerdienst volgens de Mozaïsche Wetgeving in te voeren.

Dat vers 27 begint immers aldus: En naar velen zal hij een Verbond kracht bijzetten één zeven. Dus ogenschijnlijk voor de volle 70ste Week! 

Maar in werkelijkheid zal dat niet gaan gebeuren: Allereerst omdat in dat zelfde vers (27) bij voorbaat aan ons wordt onthuld dat hij al op de Helft van de Week zijn belofte aan Israël zal breken: En op de helft van de zeven zal hij doen ophouden slachtoffer en spijsoffer.

 

Maar dat niet alleen! Om de Joden gunstig te stemmen en het Oude Verbond kracht bij te zetten heeft hij uiteraard ook enige tijd nodig. Kennelijk de eerste 110 dagen van de Jaarweek. 

Vandaar dus de 1150 dagen [of 2300 avonden-morgens]: 1260 minus de 110 dagen!

En zou de Jaarweek inderdaad geteld moeten worden vanaf 21 Maart 2019, dan zouden die eerste 110 dagen lopen tot en met 8 juli 2019.

De 2300 avonden-morgens, of de 1150 volle dagen, zouden dan een aanvang nemen op 9 juli 2019 (6 Tammuz 6024 AM).

 

Vermeld kan nog worden dat de GW (getalswaarde) van de drie verzen in Dn 8:23-25 bij elkaar11146 bedraagt (3140 + 3699 + 4307).

 

23

En in het laatst van hun koningschap, als de boosdoeners de maat hebben volgemaakt, zal er een koning opstaan, hard van aangezicht en bedreven in listen.

3140

24

En zijn kracht zal sterk zijn (maar niet door eigen kracht) en op ontstellende wijze zal hij verderf brengen, en wat hij onderneemt zal hem gelukken; machtigen zal hij verderven, ook het volk der heiligen.

3699

25

En door zijn sluwheid zal hij het bedrog dat hij aanwendt, doen gelukken; hij zal zich in zijn hart verheffen, en onverhoeds velen verderven. Ook tegen de Vorst der vorsten zal hij optreden, doch zonder mensenhanden zal hij vernietigd worden.

4307

                                                                                                                                  

En die GW 11146 wordt ook teruggevonden in het Griekse deel van de Bijbel, t.w. Mt 9:29, Jh 6:2 en Op 7:6. Dat laatste vers luidt: uit de stam Aser 12000, uit de stam Naftali 12000, uit de stam Manasse 12000.

 

Hierboven verwezen we eerder naar de Grote Schare van 7:9-17, waarvan de leden vanaf het Midden der Week dag en nacht heilige dienst zullen verrichten in Gods Heiligdom, kennelijk om Mt 24:14 te vervullen, t.w. de wereldwijde bekendmaking dat het Davidische koninkrijk in werking was gekomen. Daartoe moesten de (Joodse) leden van die Grote Schare verzegeld worden met Gods geest. En dat is nu precies wat in het Eerste deel van hoofdstuk 7 (de vv 1 tm 8) profetisch wordt aangekondigd: Geen schade toebrengen aan de aarde noch aan de zee noch aan de bomen tot wij de dienaren van onze God op hun voorhoofden hebben gezegeld (Op 7:1-8).

 

Maar nogmaals, omtrent de toepassing van de 1150 dagen, als het eventuele gevolg van de Opname der (Christelijke) Gemeente, zullen wij pas helderheid krijgen bij de werkelijke vervulling daarvan.

Tot die tijd (der Opname) geldt voor ons onder meer Fp 3:20 – 4:1 >>

 

Want ons burgerschap bestaat in de hemelen, van waaruit wij ook vurig een redder verwachten, Heer Jezus Messias, die het lichaam van onze vernedering van gedaante zal veranderen tot gelijkvormigheid aan het lichaam van zijn heerlijkheid, overeenkomstig de werking dat hij in staat is ook alle dingen aan zich te onderwerpen. Welnu dan, mijn broeders, geliefd en naar wie ik verlang, mijn vreugde en kroon, staat zó vast in de Heer, geliefden!

 

Het is evenwel beslist opmerkelijk dat in Dn 12:11-12, naast de 1335 dagen, ook nog melding wordt gemaakt van 1290 dagen: En vanaf de tijd dat het voortdurende [offer] verwijderd is en de verwoestende gruwel is opgericht, zullen er 1290 dagen zijn. Gelukkig hij die blijft verwachten en die de 1335 dagen bereikt!  

 

Alternatief  (??)

 

Voor de datum van de Weekhelft [1 September 20225 Elul 6027 AM] baseerden we ons op Ez 8:3. Die tekst heeft de Getalswaarde 10557.

 

En hij strekte iets uit, dat de vorm had van een hand, en greep mij bij een lok van mijn hoofdhaar. Toen hief de geest mij op tussen de aarde en de hemel, en in de visioenen van God bracht Hij mij naar Jeruzalem, naar de ingang van de poort van de binnenste Voorhof die op het Noorden uitziet, waar zich de zetel van het afgodsbeeld van de na-ijver bevond, dat na-ijver oproept.

 

Volgens vers 1 van Ez 8 vond een en ander plaats op op 5 Elul >>

 

Nu geschiedde het in het zesde jaar, in de zesde [maand], op de vijfde dag van de maand [5 Elul], dat ik in mijn huis zat en de oudsten van Juda voor mij zaten, toen de hand van de Heer YHWH daar op mij viel.

 

In de Bijbel is nog één andere tekst die ook GW 10557 heeft. Opmerkelijk genoeg Lukas 19:29, waarin we lezen over het gebeuren van ‘Palmzondag’ op 9 Nisan van het jaar 33 AD (4038 AM), toen Yeshua Mashiach, rijdend op een ezel, zich aanbood als Israëls Messiaanse koning: 

 

En het geschiedde toen hij [op Palmzondag, 9 Nisan] Bethfage en Bethanië naderde, tegen de -zoals hij genoemd wordt - Berg der Olijven, dat hij twee van de leerlingen uitzond.

 

 

Ez 8:3, hierboven aangevend onze vermeende Helft van de 70ste Week, lijkt dus op z’n minst een relatie te hebben met de gebeurtenissen van Palmzondag, 9 Nisan.

In 2019 AD (6024 AM) valt Palmzondag, 9 Nisan, op 14 April.

Maar…, wat is dan precies het verband met Ez 8:3 ?

We zijn dan 24 dagen voorbij 21 Maart 2019 (6024 AM), de geopperde begindatum van de Week. Moet die begindatum dan met 24 dagen worden opgeschoven?

 

In dat geval >>

valt de Helft van de Week op 25 September 2022 (6027 AM), maar dat is Erev Rosh Hashana, de overgang naar 6028 AM;

eindigt de Week op 7 Maart 2026, overeenkomend met 18 Adar 6031 AM; dus enkele dagen na Purim;

eindigen de extra 30 dagen op 6 April 2026 ≈≈ 19 Nisan 6031 AM; en de (nogeens) extra 45 dagen op 21 Mei 2026 ≈≈ 5 Sivan 6031 AM; d.i. op Shavuot (Pinksteren !).

 

Of moeten we wellicht de relatie tussen Ez 8:3 en Palmzondag anders interpreteren? Dat zou heel goed het geval kunnen zijn.

Op Palmzondag van 9 Nisan 33 AD bood Yeshua zich aan het volk Israël aan als hun langverwachte Messiaanse koning uit het koninklijke Huis van David, geheel in vervulling van het profetische woord in Zacharia:

 

Verblijd u zeer, o dochter van Sion. Juich in triomf, o dochter van Jeruzalem. Zie! Uw koning komt tot u. Hij is rechtvaardig, ja, gered; nederig en rijdend op een ezel, ja, op een volwassen dier, het jong van een ezelin. 

(Zc 9:9)

 

Wij weten allen hoe de religieuze elite binnen Israël destijds reageerde op die koninklijke intocht: Zij wezen Yeshua als hun rechtmatige Mashiach vierkant af (Lk 19:28-44). Vijf dagen later, op 14 Nisan 33 AD, werd hij immers op hun instigatie ter dood gebracht!

Bijgevolg zou de relatie naar Ez 8:3 kunnen zijn dat wat op Palmzondag 33 AD geen realiteit werd, zich alsnog zal voltrekken op de Helft van de Jaarweek, dus op

1 September 20225 Elul 6027 AM.  

 

Hierboven toonden we al aan dat er op en vanaf die datum grootse gebeurtenissen verwacht mogen worden. We schreven daarover ondermeer het volgende:

 

Maar…, er zal dan nog veel meer aan de hand zijn:

Op de helft van die laatste beslissende Jaarweek zal ook het Davidische koninkrijk worden opgericht, met Yeshua Mashiach op de troon (Psalm 2).

Op 11:15-17 laat het ons bij voorbaat weten:

 

En de zevende engel blies de trompet en grote stemmen geschiedden in de hemel zeggend: Het koninkrijk der wereld werd van onze Heer en van zijn Masjiach, en hij zal als koning regeren tot in alle eeuwigheid. En de vierentwintig Oudsten die vóór God op hun tronen zitten, vielen op hun aangezicht en aanbaden God zeggend: Wij danken u Heer God, de Almachtige, die is en die was, dat gij uw grote kracht hebt opgenomen en als koning zijt gaan regeren.

 

Daarmee komt dan ook een einde aan de Zeven Tijden van (7 x 600) 4200 jaar die (kennelijk) in 1827 AM - bij de Spraakverwarring - waren begonnen. 

 

Zie: Spraakverwarring en Tijden der Heidenen 

 

Maar ook de context van Zc 9:9 wijst op profetische gebeurtenissen die alleen binnen een Eindtijdsetting begrepen kunnen worden. Bijvoorbeeld vers 10 >>

 

Dan zal Ik de strijdwagens uit Efraïm en de paarden uit Jeruzalem afsnijden, ook de strijdboog wordt tenietgedaan. En hij zal de Heidenvolken vrede verkondigen, en zijn heerschappij zal zich uitstrekken van zee tot zee, en van de Rivier tot de einden der aarde.

 

-.-.-.-