Schriftstudies.tk
Home
Overzicht studies
Blog
Reactie

Hosea 5

Hosea

 

Attentie: In deze studie wordt vooral volgens het gematriabeginsel geredeneerd.

 

Hosea 3

Hosea 5

Hosea 6

Hosea 14

Hosea 3

 

Hs 3:3

En ik zeg tot haar: Vele dagen zul je bij mij zitten, zonder te hoereren of aan een man toe te behoren. En zo zal ik tegenover jou zijn.

2869

Hs 3:4

Want de zonen van Israël zullen vele dagen zonder koning en zonder vorst en zonder slachtoffer en zonder zuil en zonder efod en terafim wonen.

De GW van de vv 3 en 4 = 6072 en is ook de GW van Ex 20:4 >> Gij moogt u geen gesneden beeld maken, noch enige gedaante gelijkend op iets wat in de hemel boven of wat op de aarde beneden of wat in de wateren onder de aarde is. 

3203

Hs 3:5

Daarna zullen de zonen van Israël terugkeren en YHWH hun God en David, hun koning, zoeken; en bevend zullen zij tot YHWH en tot zijn goedheid komen, in het laatst der dagen.

3560

 

GW 9632 ≈≈ Mt 21:3 >> En als iemand iets tot jullie zegt, moeten jullie zeggen: De Heer heeft ze nodig. Daarop zal hij ze onmiddellijk zenden.

Zie Hosea 3.

Hosea 5

 

Hs 5:1

Hoort dit, o priesters, en schenkt aandacht, o Huis van Israël, en jullie, o Huis van de koning. Leent het oor, want jullie gaat het oordeel aan; want een valstrik zijn jullie geworden voor Mizpa en als een net uitgespreid over de Tabor.

6515

Hs 5:2

En in slachtwerk zijn de afvalligen diep verzonken, en ik was een vermaning voor hen allen. 

1411

 

GW 7926 ≈≈ 1Jh 3:5 >> En gij weet dat die openbaar gemaakt is, opdat hij de zonden zou wegnemen; en in hem is geen zonde.

Hs 5:1

Hoort dit, o priesters, en schenkt aandacht, o Huis van Israël, en jullie, o Huis van de koning. Leent het oor, want jullie gaat het oordeel aan; want een valstrik zijn jullie geworden voor Mizpa en als een net uitgespreid over de Tabor.

6515

Hs 5:2

En in slachtwerk zijn de afvalligen diep verzonken, en ik was een vermaning voor hen allen. 

1411

Hs 5:3

Ik persoonlijk heb Efraïm gekend, en Israël is niet voor mij verborgen geweest. Want nu, o Efraïm, hebt gij [vrouwen] als hoeren behandeld; Israël heeft zich verontreinigd. 

3635

 

GW 11561 ≈≈ Mt 15:23 >> Doch hij antwoordde haar [een Fenicische vrouw] geen woord. Daarom gingen zijn discipelen naar hem toe met het verzoek: Zend haar weg, want zij blijft ons achternaroepen.  

en Rm 11:6 >> Maar indien naar genadige gunst, [is het] niet langer uit werken, anders is genadige gunst niet langer genadige gunst geworden.   

 

Hs 5:1

Hoort dit, o priesters, en schenkt aandacht, o Huis van Israël, en jullie, o Huis van de koning. Leent het oor, want jullie gaat het oordeel aan; want een valstrik zijn jullie geworden voor Mizpa en als een net uitgespreid over de Tabor.

6515

Hs 5:2

En in slachtwerk zijn de afvalligen diep verzonken, en ik was een vermaning voor hen allen. 

1411

Hs 5:3

Ik persoonlijk heb Efraïm gekend, en Israël is niet voor mij verborgen geweest. Want nu, o Efraïm, hebt gij [vrouwen] als hoeren behandeld; Israël heeft zich verontreinigd. 

3635

Hs 5:4

Hun handelingen laten een terugkeer tot hun God niet toe, omdat er een geest van hoererij in hun midden is; en YHWH hebben zij niet erkend.

2487

 

Wat onheilspellend is vers 4 voor het huidige verharde Israël dat – als volk – nog steeds niets wil weten van hun ware Mashiach Yeshua! Door hem te miskennen verwerpen zij ook zijn Vader God!

GW 14048 ≈≈ Op 21:2 >> En de heilige Stad, Nieuw Jeruzalem, zag ik neerdalend uit de hemel vanaf God, toebereid als een bruid, versierd voor haar echtgenoot.   

De vervulling van Hosea 5 moeten we dus zoeken rond de overgang naar het Millenniumrijk van de Mashiach.

Zie Openbaring 21.

 

Hs 5:5

En de trots van Israël heeft in zijn gezicht getuigd; en Israël en Efraïm worden tot struikelen gebracht in hun dwaling. Ook Juda is met hen gestruikeld.

2871

Hs 5:6

Met hun kleinvee en met hun rundvee gingen zij voorts en zochten YHWH, maar zij konden [hem] niet vinden. Hij had zich van hen teruggetrokken. 

1855

Hs 5:7

Jegens YHWH hebben zij trouweloos gehandeld, want van vreemde zonen zijn zij vader geworden. Nu zal een nieuwe maan hen en hun erfdeel verslinden.

1964

 

Hoe onheilspellend is vers 6. In hun huidige staat, waarin zij hardnekkig en verbeten, hun ware Mashiach afwijzen, heeft YHWH Elohim zich van zijn volk gedistantieerd!

GW 6690 ≈≈ Mt 5:42 >> Geef aan wie u vraagt, en wend u niet af van iemand die van u wil lenen.

Rm 15:32 >> Opdat ik, wanneer ik door Gods wil met vreugde bij jullie kom, tezamen met jullie verkwikt mag worden.

Op 16:6 >> Omdat zij bloed van heiligen en profeten vergoten, en bloed hebt gij hun te drinken gegeven; zij verdienen het.

 

Plus vers 8 >>

Hs 5:8

Blaast een hoorn in Gibea, een trompet in Rama! Heft een strijdkreet aan te Beth-Aven — achter u, o Benjamin!

3045

 

GW 6690 + 3045 = 9735 ≈≈ Jh 4:22 >> [Yeshua tot de Samaritaanse vrouw bij de Jakobsbron] Jullie aanbidden wat jullie niet kennen; wij aanbidden wat wij kennen, want redding is uit de Joden.

 

Maar ook Hb 1:6 >> Maar wanneer hij wederom de eerstgeborene binnenleidt in de bewoonde aarde, zegt hij: "En laten alle engelen Gods hem eer bewijzen".

Voor de betekenis zie >> Superieur aan de engelen.

 

Maar de GW 3045 is op zich eveneens betekenisvol ≈≈ Dn 12:12 >> Gelukkig hij die blijft verwachten en die de 1335 dagen bereikt! Maar jij [Daniël] moet doorgaan tot het einde. Je zult rusten en opstaan tot je bestemming aan het einde der dagen.  

 

Hs 5:8

Blaast een hoorn in Gibea, een trompet in Rama! Heft een strijdkreet aan te Beth-Aven — achter u, o Benjamin!

3045

Hs 5:9

O Efraïm, louter een voorwerp van ontzetting zult gij worden op de dag der bestraffing. Onder de stammen van Israël heb ik betrouwbare woorden bekendgemaakt.

3128

 

GW 6173 ≈≈ 1Pt 3:2 >> In de Eindtijd geldt voor Joodse mannen die hardnekkig zijn in hun ongeloof jegens Yeshua, dat zij een voorbeeld kunnen nemen aan hun echtgenotes - doordat zij jullie eerbare, respectvolle levenswandel hebben opgemerkt.

Hs 5:9

O Efraïm, louter een voorwerp van ontzetting zult gij worden op de dag der bestraffing. Onder de stammen van Israël heb ik betrouwbare woorden bekendgemaakt.

3128

Hs 5:10

De vorsten van Juda zijn geworden net als degenen die een grens verleggen. Over hen zal ik mijn verbolgenheid uitstorten, net als water.

2099

Hs 5:11

Efraïm is onderdrukt, verbrijzeld in gerechtigheid, want hij had het op zich genomen zijn tegenstander achterna te lopen.

2074

Hs 5:12

En ik was voor Efraïm gelijk de mot; en voor het Huis van Juda net als verrotting.

1618

 

GW 8919 ≈≈ Rc 10:6 (hoe afvallig Israël eruitziet) >> Toen deden de zonen van Israël opnieuw wat kwaad was in de ogen van YHWH, en zij gingen de Baäls dienen en de Astorethbeelden en de goden van Syrië en de goden van Sidon en de goden van Moab en de goden van de zonen van Ammon en de goden van de Filistijnen. Zij verlieten dus YHWH en dienden hem niet.

 

 

Hs 5:10

De vorsten van Juda zijn geworden net als degenen die een grens verleggen. Over hen zal ik mijn verbolgenheid uitstorten, net als water.

2099

Hs 5:11

Efraïm is onderdrukt, verbrijzeld in gerechtigheid, want hij had het op zich genomen zijn tegenstander achterna te lopen.

2074

Hs 5:12

En ik was voor Efraïm gelijk de mot; en voor het Huis van Juda net als verrotting.

1618

 

GW 5791 >> 1Kr 22:14 >> En zie, gedurende mijn ellende heb ik voor YHWH’s Huis honderdduizend talenten goud en een miljoen talenten zilver gereedgemaakt, en het koper en het ijzer is niet te wegen omdat het zo’n grote hoeveelheid geworden is; en balken en stenen heb ik gereedgemaakt, maar daaraan zult gij er nog toevoegen.

 

Hs 5:11

Efraïm is onderdrukt, verbrijzeld in gerechtigheid, want hij had het op zich genomen zijn tegenstander achterna te lopen.

2074

Hs 5:12

En ik was voor Efraïm gelijk de mot; en voor het Huis van Juda net als verrotting.

1618

 

GW 3692 ≈≈ Gn 3:13 >> Daarop zei YHWH God tot de vrouw: Wat hebt gij nu gedaan? Waarop de vrouw antwoordde: De slang — die heeft mij bedrogen en dus heb ik gegeten.

Nm 27:21 >> En voor de priester Eleazar zal hij staan, en die moet ten behoeve van hem voor het aangezicht van YHWH inlichtingen inwinnen door de uitspraak van de Urim. Op zijn bevel zullen zij uitgaan en op zijn bevel zullen zij ingaan, hij en alle zonen van Israël met hem en de gehele vergadering.  

Ps 22:15 >> Mijn kracht [van de Mashiach] is verdroogd als een scherf van aardewerk, en mijn tong blijft aan mijn tandvlees kleven. En in het stof des doods zet gij mij.

en Mc 3:8 >> Ikzelf daarentegen ben vol van kracht geworden, met de geest van YHWH, en van gerechtigheid en macht; om Jakob zijn opstandigheid aan te zeggen en Israël zijn zonde.

 

Hs 5:13

En Efraïm zag ten slotte zijn ziekte en Juda zijn zweer. En Efraïm ging toen naar Assyrië en zond [boden] naar een groot koning. Maar zelfs die was niet in staat jullie genezing te schenken, en hij kon van jullie geen zweer wegnemen met enig geneesmiddel.

4244

Hs 5:14

Want ik zal voor Efraïm zijn als een jonge leeuw; en voor het Huis van Juda als een jonge leeuw met manen. Ik, ikzelf zal in stukken scheuren en ik zal heengaan [en] wegvoeren, en er zal geen bevrijder zijn.  

2646

Hs 5:15

Ik zal heengaan, ik wil naar mijn plaats terugkeren totdat zij hun schuld dragen. En zij zullen stellig mijn aangezicht zoeken. Wanneer zij erg in benauwdheid verkeren, zullen zij mij zoeken.

3073

 

Gw 9963 ≈≈ 1Kn 9:3 >> Vervolgens zei YHWH tot hem: Ik heb uw gebed en uw verzoek om gunst waarmee gij voor mijn aangezicht om gunst hebt verzocht, gehoord. Ik heb dit Huis dat gij hebt gebouwd, geheiligd door mijn naam daar tot onbepaalde tijd te vestigen. En mijn ogen en mijn hart zullen daar stellig altijd blijken te zijn.

 

En ook Ks 4:3 >> Tegelijkertijd ook voor ons biddend, dat God voor ons een deur van het Woord mag openen, om te spreken het geheimenis van de Messias, om welke ik ook geketend ben.

 

Hs 5:14

Want ik zal voor Efraïm zijn als een jonge leeuw; en voor het Huis van Juda als een jonge leeuw met manen. Ik, ikzelf zal in stukken scheuren en ik zal heengaan [en] wegvoeren, en er zal geen bevrijder zijn.  

2646

Hs 5:15

Ik zal heengaan, ik wil naar mijn plaats terugkeren totdat zij hun schuld dragen. En zij zullen stellig mijn aangezicht zoeken. Wanneer zij erg in benauwdheid verkeren, zullen zij mij zoeken.

3073

 

GW 5719 ≈≈ Jz 3:17 >> Ondertussen bleven de priesters die de ark van YHWHs verbond droegen, midden in de Jordaan onbeweeglijk op droge grond staan, terwijl heel Israël over droge grond overtrok, totdat de hele natie de overtocht over de Jordaan had voleindigd.

Er komt pas beweging in ongelovig Israël als na bijna 2000 jaar sinds Yeshua’s offerdood het volk, onder leiding van de hemelse priesterschap (de opgenomen Christelijke Gemeente) de Overtocht maakt naar het Millenniumrijk!

Zie: Tien Nisan.

 

En ook Mt 11:18 >> Want Johannes is gekomen, niet etend en niet drinkend, en toch zegt men: Hij heeft een demon.

 

Vers 15 is zeer onthullend! Pas als YHWH Elohim in de Tweede Weekhelft (van de 70ste Week) de Grote Verdrukking over zijn hardleerse volk brengt, zullen zij hem - voor het eerst na bijna 2000 jaar - in oprechtheid zoeken. Eerder komen zij niet tot de erkentenis dat Yeshua in waarheid Gods eigen Geliefde Zoon is, maar ook hun ware Mashiach. Openbaring 12 leert ons dat, om dat doel te bereiken, er heel veel actie nodig is van hemelse zijde! Op de Weekhelft moet er namelijk eerst oorlog in de hemel gevoerd worden teneinde de Oude Slang en zijn engelen (de demonen) voorgoed uit de hemelen te verwijderen en naar de aarde te werpen.

Zie >> Openbaring 12.

 

Uiteraard hadden de Joden ook zélf, aan de hand van de Tenach, al veel eerder kunnen weten dat er zo’n weergaloos Grote Verdrukking te zijner tijd over hen zou worden gebracht.

Zie >> Jeremia 30.

Maar ook Daniël 12. Zie eveneens >> de Jaarwekenprofetie.

 

Hosea 6

 

Hs 6:1

Komt en laten wij toch terugkeren tot YHWH, want hijzelf heeft in stukken gescheurd, maar hij zal ons genezen. Hij bleef slaan, maar hij zal ons verbinden.

1578

Hs 6:2

Hij zal ons levend maken na twee dagen. Op de derde dag zal hij ons doen opstaan, en wij zullen voor zijn aangezicht leven.

1398

 

GW 2976 ≈≈ Gn 7:22 >> Alles waarin de adem van de levenskracht werkzaam was in zijn neusgaten, namelijk alles wat op de droge grond was, stierf.

2Kn 2:8 >> Toen nam Elia zijn ambtsgewaad en wond het samen en sloeg de wateren, en geleidelijk werden ze herwaarts en derwaarts verdeeld, zodat zij beiden op de droge grond naar de overkant gingen.

Jr 29:13 >> En jullie zullen mij werkelijk zoeken en vinden, want jullie zullen mij zoeken met geheel jullie hart.

Hg 2:19 >> Is er nog zaad in de graankuil? En tot nu toe, de wijnstok en de vijgenboom en de granaatappelboom en de olijfboom — hij heeft niet gedragen, of wel? Van deze dag af zal ik zegen schenken.  

Zc 4:9 >> De handen van Zerubbabel hebben het fundament van dit Huis gelegd, en zijn eigen handen zullen [het] voleindigen. En gij zult moeten weten dat YHWH der legerscharen mij tot jullie heeft gezonden.  

 

Hs 6:1

Komt en laten wij toch terugkeren tot YHWH, want hijzelf heeft in stukken gescheurd, maar hij zal ons genezen. Hij bleef slaan, maar hij zal ons verbinden.

1578

Hs 6:2

Hij zal ons levend maken na twee dagen. Op de derde dag zal hij ons doen opstaan, en wij zullen voor zijn aangezicht leven.

1398

Hs 6:3

En wij zullen stellig kennen, wij zullen er stellig op uit zijn YHWH te kennen. Gelijk de dageraad is zijn te voorschijn treden stevig bevestigd. En hij zal tot ons komen gelijk een stortregen; gelijk een lenteregen die [de] aarde drenkt.

3684

 

GW 6660 ≈≈ Mt 21:44 > Ook zal degene die op deze steen valt, verpletterd worden. Wat hem betreft op wie [de steen] valt, hij zal erdoor verpulverd worden.

De strekking van die woorden, door Yeshua Mashiach gesproken tot zijn joodse tegenstanders van de Eerste eeuw, zal zonder mankeren vervuld worden. Geloof in hem leidt tot leven; verwerping tot definitieve ondergang. Uit Hosea kan gelukkig afgeleid worden dat er in de Eindtijd op z’n minst een joods Overblijfsel zal terugkeren.

 

Met Komt en laten wij toch terugkeren tot YHWH sluit vers 1 logischerwijs aan op het laatste vers (15) van hfdst 5 >> Ik [YHWH Elohim] zal heengaan, ik wil naar mijn plaats terugkeren totdat zij hun schuld dragen. En zij zullen stellig mijn aangezicht zoeken. Wanneer zij erg in benauwdheid verkeren, zullen zij mij zoeken.

De regel, volgens 2Pt 3:8, dat bij YHWH één dag is als duizend jaar, en duizend jaar als één dag, betekent in de context van Hs 6:1-3 kennelijk dat de ommekeer ten goede voor [een deel van] Israël pas na ca. 2000 jaar plaats vindt.

Oók de GW 1398 van vers 2 ondersteunt die conclusie, aangezien zowel Gn 44:25; Ex 10:27, als 1Kr 15:4, typologische betekenis hebben voor de Eindtijd.

 

Uit vers 3 - En wij zullen stellig kennen, wij zullen er stellig op uit zijn YHWH te kennen. Gelijk de dageraad is zijn te voorschijn treden stevig bevestigd. En hij zal tot ons komen gelijk een stortregen; gelijk een lenteregen die [de] aarde drenkt – mogen we afleiden dat er een en al hoop in het verschiet ligt voor Israëls Overblijfsel; met name vanaf de Helft van de Jaarweek wanneer ook het Messiaanse koninkrijk in werking komt. De GW 3684 ondersteunt die verwachting; met name door de tekst Dn 7:13, waar we lezen over de Mensenzoon die voor het aangezicht van zijn Vader in de hemel verschijnt, en vervolgens (vers 14) het koninkrijk ontvangt:


13  Ik bleef aanschouwen in de nachtvisioenen, en ziedaar! Met de wolken des hemels kwam iemand gelijk een Mensenzoon; en tot de Oude van Dagen verkreeg hij toegang, en men bracht hem dichtbij, ja vóór Deze.

14  En hem werd heerschappij en waardigheid en koninkrijk gegeven, opdat de volken, nationale groepen en talen alle hém zouden dienen. Zijn heerschappij is een eeuwige heerschappij die niet zal voorbijgaan, en zijn koninkrijk een dat niet te gronde gericht zal worden.

 

Hs 6:4

Wat zal ik u doen, o Efraïm? Wat zal ik u doen, o Juda, wanneer de liefderijke  goedheid van jullie als de morgenwolken is en als de dauw die vroeg heengaat?

2463

 

Gevoegd bij de GW van de vv 1 tm 3, verkrijgen we 6660 + 2463 = 9123.

Die GW 9123 ≈≈ Ez 46:12 die we hier volledigheidshalve citeren >> En ingeval de overste als vrijwillige gave een volledig brandoffer zou verschaffen, of gemeenschapsoffers als een vrijwillige gave voor YHWH, moet men ook de poort [van de visionaire tempel] voor hem openen die op het Oosten uitziet, en hij moet zijn volledige brandoffer en zijn gemeenschapsoffers verschaffen net zoals hij op de sabbatdag doet. En hij moet naar buiten gaan, en men moet de poort sluiten nadat hij naar buiten is gegaan.

 

Voor onze visie op de visionaire tempel bij Ezechiël, verwijzen we de lezer naar Ezechiël 40.

 

Overigens is de GW van dit vers (4) interessant; t.w. 2463, ook overeenkomend met Ez 16:2 >> Mensenzoon, maak Jeruzalem haar verfoeilijkheden bekend.  En Jl 2:27 >> En jullie zullen moeten weten dat ik in het midden van Israël ben, en dat ik YHWH, jullie God, ben en er geen ander is. En mijn volk zal voor eeuwig niet beschaamd staan.

Die beide situaties zullen in de Tweede weekhelft naast elkaar bestaan binnen Israël.

 

Hs 6:4

Wat zal ik u doen, o Efraïm? Wat zal ik u doen, o Juda, wanneer de liefderijke  goedheid van jullie als de morgenwolken is en als de dauw die vroeg heengaat?

2463

Hs 6:5

Daarom heb ik op hen ingehouwen door de profeten; heb ik hen gedood door de woorden van mijn mond. En de oordelen over u zullen zijn als het licht dat te voorschijn komt.

2569

 

GW 5032 ≈≈ Js 29:23 >> Want wanneer hij [Jakob] zijn kinderen ziet, het werk van mijn handen, in zijn midden, zullen zij mijn naam heiligen, en zij zullen stellig de Heilige Jakobs heiligen, en voor de God van Israël zullen zij ontzag hebben.

En Jr 25:13 >> En ik wil over dat land al mijn woorden brengen die ik ertegen gesproken heb, ja, al wat in dit boek geschreven staat, wat Jeremia tegen al de natiën geprofeteerd heeft. 

 

Hs 6:4

Wat zal ik u doen, o Efraïm? Wat zal ik u doen, o Juda, wanneer de liefderijke  goedheid van jullie als de morgenwolken is en als de dauw die vroeg heengaat?

2463

Hs 6:5

Daarom heb ik op hen ingehouwen door de profeten; heb ik hen gedood door de woorden van mijn mond. En de oordelen over u zullen zijn als het licht dat te voorschijn komt.

2569

Hs 6:6

Want in liefderijke goedheid heb ik behagen geschept, en niet in slachtoffer; en in de kennis van God meer dan in volledige brandoffers.

1856

 

GW 6888 ≈≈ Jr 26:18 >> Het was Micha van Moreseth die bleek te profeteren in de dagen van Hizkia, de koning van Juda, en hij zei voorts tot het gehele volk van Juda: Dit heeft YHWH der legerscharen gezegd: Sion zal worden omgeploegd als was het een veld, en Jeruzalem zal tot niets dan puinhopen worden, en de berg van het Huis zal zijn tot hoge plaatsen van een woud.

En Lk 1:39 >> 

Mariam nu stond in die dagen op en trok met spoed naar het bergland, naar een stad van Juda.

 

Hs 6:4

Wat zal ik u doen, o Efraïm? Wat zal ik u doen, o Juda, wanneer de liefderijke  goedheid van jullie als de morgenwolken is en als de dauw die vroeg heengaat?

2463

Hs 6:5

Daarom heb ik op hen ingehouwen door de profeten; heb ik hen gedood door de woorden van mijn mond. En de oordelen over u zullen zijn als het licht dat te voorschijn komt.

2569

Hs 6:6

Want in liefderijke goedheid heb ik behagen geschept, en niet in slachtoffer; en in de kennis van God meer dan in volledige brandoffers.

1856

Hs 6:7

Maar zijzelf hebben, gelijk Adam, [het] verbond overtreden. Daar hebben zij trouweloos jegens mij gehandeld.

1378

 

GW 8266 ≈≈ 2Tm 2:18 >> [Mannen] die van de waarheid afweken, zeggend dat de opstanding reeds heeft plaatsgevonden en zij werpen het geloof van sommigen omver.

De GW van vers 7, 1378, wordt ook aangetroffen in Mt 24:25 >> Jezus die in de Olijfbergrede waarschuwde mbt tot zijn paroesie: Zie! Ik heb het jullie tevoren gezegd!

 

Hs 6:7

Maar zijzelf hebben, gelijk Adam, [het] verbond overtreden. Daar hebben zij trouweloos jegens mij gehandeld.

1378

Hs 6:8

Gilead is een stad van beoefenaars van wat schadelijk is; hun voetsporen zijn bloed.

1325

 

GW 2703 ≈≈ Gn 24:10 >> De knecht nam derhalve tien kamelen van de kamelen van zijn meester en maakte aanstalten om te gaan, met allerlei goede dingen van zijn meester in zijn hand. Toen stond hij op en begaf zich op weg naar Mesopotamië .

 

Gn 32:26 >> Daarna zei hij [Esau’s Alterego]: Laat mij gaan, want de dageraad is opgeklommen. Hierop zei hij: Ik zal je niet laten gaan, tenzij gij mij eerst zegent.

 

2Kn 18:34 >> Waar zijn de goden van Hamath en Arpad? Waar zijn de goden van Sefarvaïm, Hena en Ivva? Hebben ze soms Samaria uit mijn hand bevrijd? 

 

Zc 4:6 >> Bijgevolg antwoordde hij en zei tot mij: Dit is het woord van YHWH tot Zerubbabel, hetwelk luidt: Niet door een krijgsmacht, noch door kracht, maar door mijn geest; heeft YHWH der legerscharen gezegd.  

 

Hs 6:9

En zoals men op een man loert, [zo bestaat] de gemeenschap van priesters [uit] roversbenden. Aan de kant van de weg moorden zij te Sichem, omdat zij niets dan losbandigheid beoefend hebben.

2138

Hs 6:10

In het Huis van Israël heb ik iets afschuwelijks gezien. Daar is hoererij van de zijde van E̱fraïm. Israël heeft zich verontreinigd.

4176

Hs 6:11

Bovendien, o Juda, is voor u een oogst vastgesteld, wanneer ik de gevangenen van mijn volk doe terugkeren.

2371

 

GW 8685 ≈≈ Mt 12:2 >> Toen de Farizeeën dit [op sabbat aren plukken en stuk wrijven] zagen, zeiden zij tot hem: Zie! Jouw leerlingen doen iets wat op de sabbat niet geoorloofd is te doen.

 

Hosea 14

 

Hs 14:1

Keer toch terug, o Israël, tot YHWH, uw God, want gij zijt gestruikeld in uw dwaling.

De GW 1948 heeft ook Ml 3:13 >> Jullie woorden tegen mij zijn wel kras geweest, heeft YHWH gezegd. En jullie zeiden: Wat hebben wij met elkaar tegen u gesproken?

1948

Hs 14:2

Neemt woorden met jullie en keert terug tot YHWH. Zegt tot hem, jullie allen: Moogt gij dwaling vergeven; en aanvaard wat goed is, en wij willen als tegenprestatie de jonge stieren van onze lippen offeren.

3826

Hs 14:3

Assyrië zal ons niet redden. Op paarden zullen wij niet rijden. En niet meer zullen wij tot het werk van onze handen zeggen: O onze God! Want door u wordt een vaderloze jongen barmhartigheid betoond.

De GW 3791 is ook die van Lv 13:13 >> En de priester heeft gekeken en zie, de melaatsheid heeft zijn gehele vlees bedekt, dan moet hij [de lijder aan] de plaag rein verklaren. Alles [aan hem] is wit geworden. Hij is rein. 

3791

 

GW 9565 ≈≈ Mt 25:22 >> Vervolgens trad degene die de twee talenten had ontvangen naar voren en zei: ’Meester, gij hebt mij twee talenten toevertrouwd; zie, ik heb er nog twee talenten bij verworven. 

 

Hn 10:46 >> Want zij hoorden hen in talen spreken en God grootmaken. Toen antwoordde Petrus.

 

Plus vers 4 >>

Hs 14:4

Ik zal hun ontrouw genezen. Ik zal hen uit eigen vrije wil liefhebben, omdat mijn toorn zich van hem heeft afgewend.

1738

GW 9565 + 1738 = 11303 ≈≈ Mt 18:15 >> Wanneer voorts je broeder een zonde begaat, ga zijn fout dan blootleggen tussen jou en hem alleen. Indien hij naar je luistert, heb jij je broeder gewonnen. 

 

Hs 14:4

Ik zal hun ontrouw genezen. Ik zal hen uit eigen vrije wil liefhebben, omdat mijn toorn zich van hem heeft afgewend.

1738

Hs 14:5

Ik zal voor Israël worden als de dauw. Hij zal bloeien als de lelie en zal zijn wortels uitslaan als de Libanon. 

2640

Hs 14:6

Zijn loten zullen uitlopen en zijn waardigheid zal worden als die van de olijfboom, en zijn geur zal zijn als die van de Libanon.

De GW 1555 is ook die van Jl 2:12 >> En ook nu [in de tijd van de demonische sprinkhanen], spreekt YHWH, keert tot mij terug met heel jullie hart en met vasten en met geween en met geweeklaag.

1555

 

GW 5933 ≈≈ Jz 23:15 >> En het moet geschieden dat net zoals ieder goed woord dat YHWH, jullie God, tot jullie sprak, over jullie is gekomen, zo zal YHWH ieder kwaad woord over jullie brengen, totdat hij jullie heeft verdelgd van deze goede bodem die YHWH, jullie God, jullie gaf.

 

Plus vers 7 >>

Hs 14:7

Zij zullen weer in zijn schaduw wonen. Zij zullen koren verbouwen en zullen uitbotten als de wijnstok. Zijn gedachtenis zal zijn als de wijn van de Libanon.

1783

GW 5933 + 1783 = 7716 ≈≈ Jh 5:2 >> Nu is er in Jeruzalem bij de schaapspoort een waterbekken, in het Hebreeuws Bethzatha geheten, met vijf zuilengangen.

 

1Ko 9:17 >> Want indien ik dit gewillig ten uitvoer breng heb ik loon; maar indien tegen mijn wil, een beheer is [mij] toevertrouwd.

 

1Jh 4:14 >> En wij hebben aanschouwd en wij getuigen, dat de Vader de Zoon heeft gezonden [als] redder van de wereld.

 

Plus vers 8 >>

Hs 14:8

Efraïm [zal zeggen]: Wat heb ik nog langer met de afgoden te maken? Ikzelf zal stellig antwoord geven en ik zal naar hem blijven omzien. Ik ben als een lommerrijke jeneverboom. Van mij moet voor u vrucht worden gevonden.

3498

GW 7716 + 3498 = 11214 ≈≈ 2Th 1:9 >> Dezen [zij die het Evangelie van onze Heer Jezus niet gehoorzamen] zullen de gerechte straf van eeuwig verderf ondergaan ver van het aangezicht van de Heer en van de heerlijkheid zijner sterkte.

 

Plus vers 9 >>

Hs 14:9

Wie is wijs, dat hij deze dingen begrijpt? Beleidvol, dat hij ze weet? Want de wegen van YHWH zijn recht, en het zijn de rechtvaardigen die ze zullen bewandelen. Maar de overtreders zijn het die erop zullen struikelen.

2582

GW 11214 + 2582 = 13796 ≈≈ Hb 8:12 >> Want ik zal genadig zijn ten aanzien van hun ongerechtigheden en hun zonden zal ik geenszins meer gedenken.

 

En Op 12:11 >> En zij hebben hem overwonnen wegens het bloed van het Lam en door het woord van hun getuigenis, en zij hebben hun ziel niet liefgehad tot de dood.

 

Hs 14:7

Zij zullen weer in zijn schaduw wonen. Zij zullen koren verbouwen en zullen uitbotten als de wijnstok. Zijn gedachtenis zal zijn als de wijn van de Libanon.

1783

Hs 14:8

Efraïm [zal zeggen]: Wat heb ik nog langer met de afgoden te maken? Ikzelf zal stellig antwoord geven en ik zal naar hem blijven omzien. Ik ben als een lommerrijke jeneverboom. Van mij moet voor u vrucht worden gevonden.

3498

Hs 14:9

Wie is wijs, dat hij deze dingen begrijpt? Beleidvol, dat hij ze weet? Want de wegen van YHWH zijn recht, en het zijn de rechtvaardigen die ze zullen bewandelen. Maar de overtreders zijn het die erop zullen struikelen.

2582

 

GW 7863 ≈≈ Op 20:15 >> En indien iemand niet werd gevonden geschreven in de boekrol des levens, werd hij geworpen in het meer van vuur.

-.-.-.-